De merelfamilie

Hoewel wij een prachtig mooi huisje hadden opgehangen voor de koolmeesjes, is er eigenlijk geen enkele keer gebruik van gemaakt. Volgens onze op leeftijd zijnde buurvrouw komt dat omdat het huisje groen is. Naar mijn idee komt dat omdat ik te laat was met het snoeien van de druifplant, waardoor de stengels niet lang genoeg werden dit jaar om het huisje te verstoppen.

Buitenverbod

Een keer schoot er een koolmeesje naar binnen en ik was verrukt! Enkele seconden later vloog het diertje echter weer weg, terug naar háár tuin met een snavel vol takjes en prietjes en dingetjes. Blijkbaar had het zich in de tuin vergist. De buurvrouw heeft het overigens erg druk dit jaar, want ook een mezenfamilie schaarde zich in haar mooie heg en drie jongen krijgen momenteel vliegles. Tot grote irritatie van onze Sarah, die sindsdien een buitenverbod heeft.

Jagersogen

Column De merelfamilie: Jonge merelHet begon een week geleden, rond Koninginnedag. Sarah lag regelmatig tegen het hekwerk aangeplakt dat onze tuin van die van de buren scheidt. Moedermerel vloog dagelijks met een snavel vol lekkers rakelings over Sarah heen, dwars door het hek in een rechte lijn richting haar nest, met als gevolg een gefrustreerde, mekkerende Sarah.

Onze poes kwam dan met donkere jagersogen bij ons op schoot zitten, wachtend op de volgende vlucht die ze hoopte wel te onderscheppen. Uiteraard is dit geen enkele keer gelukt, maar aan het gepiep te horen hadden de buren een succesvol merelsnest en dus besloten wij dat het vanaf dat moment tijd werd voor een buitenverbod voor de katten. Het zou niet lang meer duren eer de jonge merels vliegles zouden krijgen en dan had je ook nog het nest van de koolmeesjes dat beschermd moest worden.

Vlieglessen

Ik kan je vertellen, het was niet leuk vorige week. Bloedje heet buiten, en met de voorlopig gesloten deuren natuurlijk ook binnen, en twee verontwaardigde katten tegen het raam geplakt. Het was geen prettig gezicht! Moedermerel had al vlot door dat wij het gevaar goed opgesloten hielden en al snel kwamen de jonge merels onze tuin in, huppend achter vader en moeder aan. Wat dat betreft is onze tuin hier echt ideaal voor, want toen wij de tuin zo afsloten dat onze katten de buren niet konden pesten, sloten we de tuin ook af voor de buurtkatten die er bij ons in wilden. We hadden hiermee een perfecte vliegleslocatie gecreëerd.

Wonderlijke natuur

Zowel Sarah en Nol zijn het inmiddels wel zat om binnen gehouden te worden. Ook wij worden er enigszins moe van om elke ochtend een kattenluchtalarm te moeten doorstaan. Je kent het wel, dat diepe, krijsende gemauw van twee katten die het niet met je beslissing eens zijn en die als enig doel hebben jouw zo gek te maken dat je uit onmacht dan maar de keukendeur open gooit en ze naar buiten laat, zoals ze al twee jaar gewend zijn. Wij laten ons niet uit het veld slaan, maar soms zou je ze…

Maar dan zie je opeens de hele familie merel langs huppen. De jonge merels nog ontvankelijk voor menselijke aandacht, de ouders op afstand de zaak in de gaten houdend en klaar om je aan te vallen mocht je verkeerde bedoelingen hebben. Het is vertederend om te zien hoe de jongen geen enkele angst lijken te hebben voor je en gewoon rustig blijven zitten omdat jij zo per se een foto wilt maken van dit wonderlijk stukje natuur. Zelfs het gekrijs dat door de dubbele beglazing heen komt deert ze niet en we moeten onszelf er constant aan herinneren dat de jonge vogels niet mogen wennen aan ons, omdat dit een gevaar zou kunnen zijn in hun toekomst.

“Ray loopt de regen in met een visnetje en probeert het inmiddels al stijve lijkje uit het water te vissen…”

Lijkje

Terwijl ik dit schrijf komt Ray mijn werkkamer binnenstormen. ‘Ik heb slecht nieuws, verschrikkelijk slecht nieuws.’ Ik schrik en denk als eerste aan zijn sollicitatie van afgelopen week, die hij overigens goed doorstond en waarvan hij vrij snel te horen kreeg dat hij een tweede ronde in mocht gaan. Ze zouden toch niet alsnog…
‘Een van de merels is dood.’
‘Wát???’
‘Ja, erg hè! Drijft in de vijver, ik vind het zó zielig!’ Alle voorzorgsmaatregelen ten spijt: afgelopen nacht of ochtend is een van de jongen de vijver ingedonderd. Ik wil me niet voorstellen wat een paniek het arme diertje heeft moeten doorstaan en ik huil mee met vadermerel, die de hele ochtend al rondom de vijver hupt, zoekend naar een dochter of zoon.

Ray loopt de regen in met een visnetje en probeert het inmiddels al stijve lijkje uit het water te vissen. ‘Leg hem eerst nog even in de tuin,’ roep ik vanuit het slaapkamerraam naar beneden. ‘Dan weet die vader dat hij kan stoppen met zoeken.’
Ach, weet ik veel, ik roep maar wat. Iets later kijkt vadermerel van een afstandje toe, draait zich dan om en vliegt weg. Het overleden jong is gezien en ik denk dat het nu afgesloten is.

Door het dolle heen

Sarah ziet het allemaal aan vanuit de vensterbank beneden en op het moment dat Ray de vogel uit het water vist raakt ze door het dolle heen. Ze springt van de vensterbank op de eettafel, trekt het kleed mee naar de grond, alles op dat kleed meetrekkend (glazen fruitschaal, kerstster, vaas met bloemen, kaarsenhouders) en daardoor een ware ravage achterlatend. Ze plakt zichzelf tegen de keukendeur waarvan ze hoopt dat deze snel open zal gaan om het baasje binnen te laten. Ray ziet het allemaal gebeuren en treedt het huis binnen via de woonkamer, waar wij ook een deur naar de tuin hebben zitten. Natuurlijk mag ze nu niet naar buiten. Ten eerste wil ik niet dat ze het stijve lijkje naar binnen haalt – iets wat ze absoluut gaat doen als we het toelaten – en bovendien zijn er nog steeds twee mereljongen én een nest koolmezen te beschermen.

Zich bedonderd voelend schaart ze zich nu op mijn schoot terwijl ik de laatste woorden van de column intik. Boos kijk ik haar aan: ‘Ik ben in rouw, en nou moet ik ook nog de rommel die je net gemaakt hebt opruimen!’ Opeens kijkt ze me lief aan en begint te spinnen, ze legt haar pootje op mijn arm en duwt haar neus in mijn oksel. Het lijkt wel of ze me troosten wil en ja hoor, ik zwicht. ‘Nou vooruit dan, kom maar, dan zal ik je lekker kriebelen.’

Wordt vervolgd

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd.