 |
|
| Ras: |
Javanees |
| Herkomst: |
Onduidelijk |
| Karakter: |
Vriendelijk, aanhankelijk, eigenzinnig, spraakzaam |
| Uiterlijk: |
Gespierd, lang, slank, sierlijk |
| Vacht: |
Fijn, zijdeachtig, vlak tegen de huid, weinig
ondervacht |
| Kleuren: |
Lynx (tabby) point, tortie point patronen, tevens
point colors zoals rood en crème. |
|
Ondanks zijn naam is deze kat niet rechtstreeks afkomstig van
het eiland Java. Uit fokprogramma's, die aanleiding hebben gegeven
tot het ontstaan van de Balinees (halflangharige Siamees), kregen
Amerikaanse fokkers een oosterse kat met een halflangharige
vacht, Javaan gedoopt vanwege zijn type. De vraag of de Javanees
een echt nieuw ras is of enkel een variėteit van de Balinees,
verdeelt de verschillende kattenassociaties. De F.I.Fe. bijvoorbeeld,
noemt een oosterse halflangharige kat met een volledig gepigmenteerde
vacht en groene ogen `Javanees'.
Voor de C.F.A. is de Javanees enkel een Balinees in een andere
kleur dan de vier erkende basiskleuren (seal, blauw, chocolate
en lilac point). Het is voor hen dus een colourpoint met donkerblauwe
ogen zoals de Siamees. De onafhankelijke Nederlandse kattenverenigingen
kennen het ras Javanees niet. Zij erkennen de Balinees in alle
kleuren en de Mandarin. Dit ras komt nog zelden voor in Europa.
Algemene kenmerken
Middelgroot, maar zwaarder dan de Siamees. Lange, slanke, elegante
maar mooi gespierde kat.
Karakter/bijzonderheden
De Javanees heeft het karakter en het temperament van een Oosterse
kat. Extravert, 'spraakzaam' met een melodieuze stem. Bezitterig.
Hij volgt zijn baas zoals een hondje en weet hoe hij alle gewenste
aandacht kan verkrijgen. Tevens is het een sportieve kat en
een goede jager. De vacht is makkelijk te onderhouden temeer
daar hij ervan houdt geborsteld te worden.
Hoofd
Middelgroot, driehoekig. In zijaanzicht is de schedel lichtjes
bol. Fijne snuit. Lange, rechte neus die de lijn volgt van het
voorhoofd zonder stop. Middelgrote kin.
Oren
Groot, breed aan de basis, puntig. Ze vormen de voortzetting
van de zijden van de driehoek.
Ogen
Middelgroot, amandelvormig, lichtjes schuin naar de neus toe
ingeplant. Kleur: felgroen. Colourpoints en witte dieren hebben
donkerblauwe ogen.
Hals
Lang en slank.
Lichaam
Lang, slank, sierlijk maar goed gespierd.
Poten
Lang, fijn, in verhouding tot de rest van het lichaam. Kleine,
ovale voeten.
Staart
Zeer lang en fijn, zelfs aan de basis. Versmalt nog meer naar
het uiteinde.
Vacht
Fijne, zijdeachtige vacht. De haren zijn middellang op het lichaam,
iets langer ter hoogte van de kraag, de schouders en de staart
(pluimstaart). Geen wollige ondervacht. Effen uniforme kleur
zonder tabby- of schaduwaftekeningen bij de niet-agouti variėteiten.
Kleur
De kleurvariėteiten zijn die van de Oosters Korthaar. De ogen
zijn groen, behalve bij de witte Javaan die donkerblauwe ogen
bezit. Colourpoint met donkerblauwe ogen in de bij de Siamees
erkende variėteiten. |