 |
|
| Ras: |
Abessijn |
| Herkomst: |
Ethiopië |
| Karakter: |
Extravert, eigenzinnig, intelligent, aanhankelijk |
| Uiterlijk: |
Gespierd, stevig en lenig |
| Vacht: |
Kort, fijn en zijdezacht |
| Kleuren: |
Wildkleur, sorrel, blauw, fawn, zilver,
schildpad |
|
Herkomst van de Abessijn
Hoewel de Abessijn één van de oudste kattenrassen is,
is de exacte herkomst in nevelen gehuld.
Het ras lijkt qua uiterlijk op de afbeeldingen en beeldjes
van de katten die voorkomen in het Oude Egypte, maar een
directe link hiertussen is nooit gevonden. Deze vroege
huiskatten stamden ondermeer af van de kleine wilde Lybische
kat (Felis lybica) en de Abessijn vertoont hier qua uiterlijk
overeenkomsten mee.
De naam van het ras, Abessijn, verwijst
ook niet naar het land van herkomst, Abessinië (de oude naam
voor het huidige Ethiopië), maar naar een rond 1868 meegenomen
kat uit Abessinië met een apart getickt tabbypatroon.
Deze poes, Zula geheten, was meegenomen door een Engelse
legerkapitein maar is niet de stammoeder van het Abessijnse
ras geworden.
De Abessijn stamt af van een mengsel van
hier op lijkende katten van onduidelijke herkomst van
zo'n 30 jaar later. Sommige Engels, anderen meegenomen
uit diverse Oosterse streken vanaf het eind van de 19e
eeuw. Het getickt tabbypatroon is van Oosterse herkomst
en komt voor in streken als India, waar Engelse kolonisten,
bestuurders en handelaars zich ophielden, en andere plaatsen
in de verre Oriënt. Het is aannemelijk dat de huidige
Abessijn afstamt van fokkerij in Engeland met dit soort
dieren. Helaas zijn er van deze begintijd geen geregistreerde
fokverslagen bijgehouden zodat het gissen blijft wat de
echte wortels van het ras zijn.
Door fokkers uit Engeland
werden de dieren al snel geëxporteerd naar elders. De
eerste Abessijnen arriveerden al rond 1900 in Amerika
en tot op de dag van vandaag worden daar veel exemplaren
gefokt. In de jaren dertig waren er ook in Nederland al
Abessijnen, maar de huidige fokpopulatie in Nederland
stamt, sinds de jaren vijftig, af van importen uit hoofdzakelijk
Engeland, Amerika en Scandinavië.
Fokken van de Abessijn
De Abessijn is nooit een echte modekat geweest. Uiterlijk
en karakter appelleren meestal aan een select publiek
van echte liefhebbers die vallen op de combinatie van
het elegante uiterlijk en het actieve karakter. De meeste Abessijnenfokkers hebben een betrekkelijk kleine
kattengroep in huis. Dit omdat een Abessijn vrij veel
aandacht vraagt en zich niet op zijn gemak voelt in een
te grote groep.
Sinds zo'n vijftig jaar wordt het ras
in Nederland en België op redelijke schaal gefokt. Eerst
in de twee meest "klassieke" kleurslagen wildkleur (zwartgetickt
tabby) en sorrel (cinnamongetickt tabby), later ook in
de verdunde versies hiervan, blauw en fawn. Sedert geruime
tijd worden er ook zilvers in deze kleuren gefokt en op
heel kleine schaal ook de nog experimentele kleurslagen
rood, schildpad, creme, chocolate en lilac.
De uitdaging
voor fokkers is om het alerte, stralende elegante uiterlijk
te behouden en te vervolmaken en de gewenste vachtkleur
en ticking te perfectioneren. Voor fokkers van de zilvervariëteiten
(de zilverfactor is zo'n 30 jaar geleden "geleend" van
de zilvershaded Pers en de zilvertabby Brit) is het daarbij
nog de kunst om te zorgen dat het typerende vachtpatroon
goed uitkomt op een "schone" stralend zilverwitte ondervacht
- een hele kunst want op zilver zie je elke onregelmatigheid
erg duidelijk.
Uit een aantal Abessijnen werden in de
jaren zestig ook langharige kittens geboren. Deze werden
onder de naam Somali's verder gefokt. Omdat deze variëteit
in feite een langharige Abessijn is, valt deze ook onder
de rasverenigingen voor de Abessijn.
Uiterlijk van de Abessijn
Het beeld van de Abessijn is een kleurrijke kat met een
duidelijk kenmerkend getickt tabbypatroon. De kat is gemiddeld van grootte en heeft een koninklijke
uitstraling. De Abessijn is elegant maar gespierd van
bouw en vertoont een actieve en alerte uitstraling. De
kop vormt een gematigde licht geronde wigvorm met afgeronde
contouren. De neuslijn is glooiend en tussen de oren is
veel ruimte. De kop gaat over in een elegante nek. De
voorsnoet is noch puntig noch vierkant. De kin dient stevig
te zijn met een sluitend gebit. De oren zijn alert, groot
en gematigd puntig en staan open. De ogen zijn amandelvorming,
groot en stralend en expressievol. Ze kunnen van goudkleurig
tot groen zijn. De ogen zijn omrand door een fijne donkere
lijn, omcirkeld door een lichter gekleurd gebied. Het
lichaam van de Abessijn is gemiddeld van lengte, elegant
en stijlvol, maar goed gespierd en stevig zonder grof
te zijn.
De lichaamsbouw van de Abessijn zit tussen de
twee extremen van gedrongen en uiterst elegant in. Het
complete lichaam dient een harmonieuze balans te bezitten.
De poten zijn elegant en fijngebouwd. De voetjes zijn
klein, ovaal en compact. De Abessijn geeft de indruk hoog
op de poten te staan. De staart is stevig aan de aanzet,
redelijk lang en loopt geleidelijk uit in een punt.
 |
 |
 |
 |
| Klik op de foto's voor een vergroting |
Vacht en patroon van de Abessijn
De vacht is zacht, zijdeachtig aanvoelend en fijn van
structuur. Hij geeft mee als er over geaaid wordt en glanst.
De lengte is gemiddeld maar lang genoeg om twee of drie
ticking banden te tonen per haar. De ticking dient evenwichtig
verdeeld te zijn over het lichaam. De donkere tickingbandjes
op de haarpunten contrasteren met de lichtergekleurde
delen op de haarbasis. De kleur van de ondervacht dient
helder en eenkleurig tot op de wortel te zijn. Een diepe
warme grondkleur (bij de zilvers stralend zilverwit) wordt
geprefereerd, maar dient niet ten koste te gaan van de
ticking. Enige donkerder beschaduwing op de ruglijn is
toegestaan.
Kleurfouten zijn een wit medaillonnetje, streping
op de poten, gesloten halsbandringen rond de nek of ringen
op de staart, een koude kleur of grijze ondervacht. De
Abessijn wordt gefokt in verschillende kleurslagen. De
basisgrondkleur is steeds te vinden op de haarpunten (het
getickte patroon), de ondervacht bezit een lichtere tint.
De zilveren variëteiten bezitten de basiskleur maar dan
liggend op een zilverwitte ondervacht.
Karakter van de Abessijn
Abessijnen behoren tot de meest intelligente kattenrassen.
Het zijn huisdieren die betrokken willen zijn bij alles
wat er in huis gebeurt. Abessijnen zijn zeer op mensen
georiënteerd en willen een hechte band met hun eigenaren.
Het zijn geen echte schootkatten, maar waar je bent is
ook je Abessijn om zich er tegenaan te bemoeien, er bij
te horen of aan mee te doen. Een Abessijn is aanwezig.
Dat betekent een eigenaar die daar tegen kan en die zo'n
band apprecieert en onderhoudt met liefde.
Een Abessijn
ziet zijn eigenaren als "maatjes" waar je samen dingen
mee onderneemt. Abessijnen zijn kieskeurige gevoelige
dieren en vragen veel aandacht van hun eigenaar. Ze voelen
zich niet op hun plaats in een te grote groep katten,
maar kunnen er ook niet tegen om als enig huisdier in
een huis te wonen waar de eigenaren de hele dag werken.
Kortom, een Abessijn is een actieve, aanhankelijke en
soms wat veeleisende kat voor mensen die een echte loyale
vriend zoeken en de combinatie van subtiliteit, gevoeligheid,
activiteit, affectie en intelligentie waarderen.
Verzorging en onderhoud van de Abessijn
De Abessijn vereist betrekkelijk weinig dagelijks onderhoud.
Een wekelijkse borstelbeurt met een zachte borstel om
de dode haren te verwijderen is voldoende. Let bij Abessijnen
regelmatig op het gebit - sommige dieren hebben een aanleg
voor tandsteenvorming en tandvleesproblemen en hierbij
is tijdig voorkomen beter dan genezen; het gebit laten
schoonmaken door de dierenarts bij de jaarlijkse controle.
Gezondheid van de Abessijn
De meeste Abessijnen zijn gezonde, sterke dieren. De Abessijn
wordt gemiddeld zo'n 12 tot 15 jaar oud. Omdat er wel
een aantal erfelijke problemen kunnen voorkomen, verdient
het aanbeveling enkel een kitten aan te schaffen bij een
serieuze fokker die zijn fokdieren hierop preventief heeft
laten onderzoeken.
Het gaat hier ondermeer om PRA (een erfelijke aandoening
die uiteindelijk tot blindheid leidt), amyloïdose (een
op termijn dodelijke eiwitafzetting op vitale organen),
PKDef (een pyrivietKynase deficiëntie waarop via een DNA
getest kan worden) en PL (loszittende knieschijven). Een
serieuze Abessijnenfokker verkoopt enkel kittens uit ouderdieren
die een oogspiegeltest (ter uitsluiting van lijderschap)
voor PRA ondergaan hebben, die uit PKDef geteste ouders
komen, die de knietjes hebben laten nakijken door de dierenarts
en die met behulp van stamboomscreening lijnen met een
verhoogd risico op amyloïdose in de afstamming uitsluiten
voor de fok. Uiteraard kunt u het beste een Abessijnenkitten
aanschaffen via de kittenbemiddeling van één van de rasverenigingen.
Andere feiten over de Abessijn
- Andere naam: geen, de langharige variëteit van de
Abessijn wordt Somali genoemd.
- Gewicht: 2½ - 5 kg.
- Karakter: actief, eigengereid, extravert, zeer gehecht
aan eigenaar.
- Kleuren: alle Abessijnen bezitten het typerende
Ta-gen dat een getickt tabbypatroon veroorzaakt. De
"wildkleur" (zwart) en "sorrel" (cinnamon) zijn de
klassieke kleuren. Ook zijn er blauwe en fawn versies.
Tevens worden er ook op beperkte schaal andere kleuren
gefokt: rood, creme, schildpad, chocolate en lilac.
Al deze tinten worden ook in de zilverversies gefokt.
|
|
Video:
Heldere video-impressie van de Abessijn (Amerikaans) |
Video:
Drie Abessijnenkittens (wildkleur) spelen met
een fopspeen |
|