• De huiskat is evenals mensen, honden, olifanten en vele andere dieren een zoogdier en het lichaam vertoont dan ook de typische zoogdierkenmerken. Zo heeft de kat een inwendig beenderen skelet, een constante lichaamstemperatuur van 38,6 graden Celsius en een behaarde huid.

  • a = schedel
    b = halswervels
    c = tongbeen
    d = schouderblad
    e = borstwervels
    f = anticlinale wervel
    g = lendewervels
    h = heiligbeen
    i = staartwervels
    j = bekken
    k = dijbeen
    l = kuitbeen
    m = scheenbeen
    n = voetwortelbeentjes
    o = middenvoetsbeentjes
    p = knieschijf
    q = ribben
    r = ribkraakbeen
    s = borstbeen
    t = middenhandsbeentjes
    u = handwortelbeentjes
    v = ellepijp
    w = spaakbeen
    x = opperarmbeen
  • Het skelet

    Het skelet is er om het lichaam te ondersteunen, de inwendige weefsels en organen te beschermen en zorgt ervoor dat de lichaamsdelen kunnen bewegen. Ze hebben 13 ribben, waar de mens er 12 heeft, en een aantal staartwervels. Katten hebben 230 à 290 beentjes en evenals bij mensen hebben jongere dieren een groter aantal losse beenderen waarvan een gedeelte vergroeit bij het ouder worden.

  • Het gebit

    Kattengebit

    Het skelet en het spierstelsel geven de kat zijn sterke, soepele en snel bewegende jagerslichaam.

    De kaak bevat maar 30 tanden, minder dan bij een andere vleeseter. Alle tanden zijn echter gebouwd op het snijden van vlees en zorgen er daardoor voor dat de beet van de kat dodelijk kan zijn.

  • Gewrichten

    Springende kat

    Kogelgewrichten, zoals bij de heupkom, zorgen dat de kat kan springen en klimmen.

    Scharniergewrichten zorgen ervoor dat de elleboog, knie en kaak heen en weer kunnen bewegen.

    De staart is een verlenging van de wervelkolom en bestaat bij een normale staart uit 21 - 22 beentjes. Deze zorgt voor het evenwicht bij het klimmen en springen.