De
Amsterdamse vriend van mij die twee poesjes gereserveerd had
in het Antwerpse werd ervan op de hoogte gesteld dat zijn
twee kindjes, een dikke week vroeger dan oorspronkelijk gepland,
tijdelijk bij mij gingen ondergebracht worden. Zodoende werden
de humpjes uit hun nestelijke omgeving verwijderd. Geen paniek,
ze waren ruim de tien weken voorbij.
Pleegmoeke
Dus, het moment dat ik mij als tijdelijk pleegmoeke ter beschikking
stelde - teneinde de kadollekens niet van de ene huiskamer
naar de andere te verhuizen voor ze hun eindbestemming zouden
bereiken – brak aan. Net als mensen is het immers niet goed
op jeugdige leeftijd te veel te verhuizen, de poesjes zouden
zich ontheemd kunnen voelen. Een verhuis weg van het nest,
is al trauma genoeg voor babytjes. Ik begon meteen alles klaar
te zetten om de twee sloebers warm te verwelkomen. Mijn pleegmoedergevoel
speelde op. Naarstig zoekend in de berging naar een reservekattenbak
en babypoesspeelgerief, kwam ik steeds meer en meer in de
sfeer en zag het helemaal zitten.
Mij kennende, eens zo een klein wollen bolletje in mijn handen
gehad, ging het vast errug moeilijk worden er weer
afstand van te doen. Hopelijk bleven ze niet te lang. Want
hoe langer ze bleven hoe moeilijker het ging worden. Ik voelde
de afscheidskramp nu al bijna toeslaan. Over dubbel gesproken.
Maar nee, eerst nog plezier maken met dat jonge leven in mijn
bijt.
Neusknuffel
| “Mijn
twee salontijgers begonnen reeds in het snuitje te krijgen
dat er iets aan de hand was...” |
Mijn
twee salontijgers begonnen reeds in het snuitje te krijgen
dat er iets aan de hand was. Tobiasje volgde mij op de voet
met zijn broer in het vaste kielzog. Wat na verloop van tijd
inderdaad uitliep op een staarttrappend gevolg, van mijnen
schuldigentwege. We schrokken alledrie maar ik riep het hardst
en schoot meteen, zwaar verontschuldigend tegenover mijn Jaspertje,
achter hem aan om de schade te overkijken. Na tien meter livingsprinten
liet hij zich tenslotte gewillig opnemen. Het feit dat ik
meteen een grote neusknuffel kreeg stelde mij gerust, wat
niet wegnam dat ik me schuldig voelde.
Dat schuldgevoel werd nog groter toen ik de keuken weer in
kwam en daar een streep pels van 3 op 15 cm zag liggen. Het
was duidelijk dat ik een serieus stuk van zijn staart gescalpeerd
had met mijn lompe voeten. Arm jaspertje.
Poezeneuro
Ik nam de pluk sneeuwwitte pels tussen mijn vingers, keek
naar Jaspertje die me weemoedig aankeek en vervolgens een
blik op zijn onteerde pluimstaart wierp. Ik besloot het later
goed te maken en opende een keukenkast om verder te gaan met
mijn installatie bezigheden, namelijk een bordje klaarzetten
voor de bezoekpoesjes. Dan konden mijn schatten alvast een
beetje wennen aan dat idee. Mijn schatjes in kwestie bleven
mij op de voet volgen, tot het moment ik Tobias zijn poezeneuro
zag vallen. Die had het begrepen.
Fonkelnieuw en steenloos
Hij
wandelde demonstratief naar de bordjes. Nam een hap uit zijn
bord, een hap uit zijn broers bordje en frummelde vervolgens
met elegante prutspootjes het derde – nu nog lege - bordje
naar de zijkant van de onderlegger, zodat het een kletterend
draaigeluid maakte op de vloer. Hij bekeek mij met een boekdeelsprekende
fronsneus en scheve blik, waarop ik vlug wegkeek om hem meteen
in mijn ooghoeken te volgen. Hij was duidelijk misnoegd.
Vervolgens wandelde hij met stoere, rechte rug naar de reservekattenbak
– nu nog leeg - en ging erin liggen. Jasper, die van dit alles
niets begreep bekeek zijn broer met een blik van zijde-gij-nu-echt-in-een-stadium-van-ik-spoor-niet?
Of is er hier iets aan de hand? Jasper duwde zijn neus in
de bak tussen broer en kant om zich er van te vergewissen
dat er geen steentjes in lagen. Het leek net of, toen hij
zag dat de bak fonkelnieuw en nog steenloos was, zijn broer
weer sporend verklaard werd. Het kon hem verder allemaal niet
veel meer interesseren en hij trippelde terug naar zijn groene
speelmuis om een beetje te luchtvoetballen.
Bedjesmand
Tobias bleef mij scheef bekijken vanonder zijn nog steeds
gefronste wenkbrauwen. Die was er duidelijk een heel pak minder
gerust in. Hij had het natuurlijk allemaal al eens meegemaakt.
De laatste keer vijf jaar geleden, toen Jasper binnengebracht
werd.
Na ongeveer een half uurtje denk ik – het kan ook korter of
langer geweest zijn - besloot hij op verder onderzoek te trekken.
Hij had mij alle speelgoed zien verzamelen en besloot het
zich weer eigen te maken. Gedurende de rest van de avond zag
ik mijn gestreepte vriendje geregeld voorbij wandelen met
speelgoedmuizen en bolletjes wol, die hij als een echte hond
naar zijn bedjesmand droeg. Grappig.
Jaspertje liet het nog steeds niet aan zijn hart komen en
keek zelfs een beetje verveeld naar zijn broer die met zijn
over-en-weer-geloop een beetje op zijn systeem begon te werken.
Benieuwd wat dat ging worden als de poesjes daadwerkelijk
aankwamen.
Babyklimmers
Ik had mezelf al voorgenomen dat de paar uur dat ik niet thuis
zou zijn, de kleintjes in de slaapkamer zouden ondergebracht
worden. Teneinde mijn lederen stoelen een beetje te vrijwaren
van onderzoekende babyklimmers. In de slaapkamer was plaats
genoeg om te ravotten en mijn kadollen mochten dan de rest
van mijn appartementje bevolken. Een tijdelijke oplossing
die niet beter kon uitvallen.
Met
een grote grijns begaf ik me naar de badkamer om mij klaar
te maken voor de voorlopig laatste nacht met ons drietjes.
Tobias was naar gewoonte als eerste in de badkuip. Routines
zijn niet gemaakt om te verbreken. Ik liet hem van de kraan
drinken, zijn broer volgde, wijl ik tandjespoetsend mijmerde...
het zou waarschijnlijk heel lang duren voor ik de slaap kon
vatten. |