Ik woon in een appartement.
Eén hoog, smal gangetje, woonkamer, slaapkamer, keukentje
en dakterras. Naast mijn woning is dit ook de leefwereld van
mijn katten Luna en Siepie. Siepie vindt dat prima, Luna niet.
Luna wil altijd naar buiten en laat haar ongenoegen duidelijk
merken als haar dit plezier wordt ontzegd. Helaas voor Luna
woon ik aan een enorm drukke weg en hoor ik liever haar dramatische
klaagzangen aan dan dat ik haar haasje-over laat spelen met
een hard rijdende auto.
Wens
Luna
geeft het tot op de dag van vandaag echter niet op. Meerdere
malen per dag laat ze me weten dat haar wens nog niet in vervulling
is gegaan. Zoals vanochtend. Luna wordt wakker op het voeteneinde
van ons bed, rekt zich uit en zegt: 'Mauw?' 'Dat stelt niks
voor', zul je zeggen, 'dat doet mijn kat ook'. Maar geloof
me: Luna kijkt daarbij strak van mij naar het raam en weer
terug.
Bij geen reactie springt ze op de vensterbank en gaat met
haar voorpoot op het raam krabben. Eerst voorzichtig, maar
dan steeds zekerder. 'Ik-wil-naar-bui-ten-hier-ach-ter-dit-raam-daar-wil-ik-naar-toe-ik-wil-het-ik-wil-het-ik-wil-het'.
Uit diverse kattenboeken heb ik geleerd dat het straffen van
je kat geen zin heeft, want dat begrijpen ze niet. Je kunt
ze beter prijzen als ze iets goed doen. Na vijf minuten raamkrabben
valt er echter weinig te prijzen en ben ik Luna in gedachten
de ergste straffen aan het geven. Uiteindelijk sta ik maar
gewoon op en ze weet dat ik haar dan niet meer de allerliefste
Luna van de wereld vind. Dat compenseert ze door liefdevol
langs mijn benen te strijken en kopjes te geven. Onderweg
naar de keuken komen we langs een muurkast.
Hemelpoort
Luna vergist zich, want denkt: 'Deur. Daarachter is buiten'.
Ze gaat voor de kast zitten, kijkt me aan en gooit haar kop
al achterover om jammerlijk te gaan klagen. Ik doe de kastdeur
snel open en loop door. Terwijl ze de strijkplank en de stofzuiger
bekijkt, komt het besef dat niet alle deuren een hemelpoort
naar buiten zijn. Beschaamd komt ze achter me aan.
Haar gevulde voerbak zorgt even voor afleiding, maar daarna
gaat ze er eens goed voor zitten. Ze loopt naar de voordeur
en begint. Mauwerdemauw mauw maaaaaaauw mauw. Aaneengebroken.
Hartverscheurend. Meelijwekkend.
Verdrietige blik
| “Zodra ze ziet dat ik kijk, zet ze haar laatste troef in: De
Verdrietige Blik. Als echte kattenliefhebber zwicht ik voor
zoveel ellende...” |
Zodra ze ziet dat ik kijk, zet ze haar laatste troef in: De
Verdrietige Blik. Als echte kattenliefhebber zwicht ik voor
zoveel ellende. Ik pak haar op (een foute reactie volgens
Het Kattenboek, maar ik betwijfel of de schrijver ooit met
verdrietige Luna's te maken heeft gehad), doe de deur open
en ga met haar naar buiten. Op mijn arm gaat ze een stukje
naar buiten, de wijde wereld in. Luna snuffelt en kijkt wild
rond en na 10 minuutjes is ze zowaar tevreden. Ze is weliswaar
nog niet vrij buiten geweest, maar heeft wel even verder dan
haar normale leefwereld kunnen kijken.
Het mauwen en mekkeren houdt op voor vandaag.
Nog even Luna, dan gaan we verhuizen. Naar een écht
huis, met een grote tuin in een rustige buurt. Ik gun het
je zo. Dan laat je de katten in de buurt maar eens kennismaken
met die enorme keel die je op kunt zetten. Zo heeft je baasje
wat meer rust en ook een schuldgevoel minder. |