Siepie is lief, Luna is een kattenkop. Het
klinkt hard, maar het is wel zo. Siepie is lief voor iedereen,
wil altijd knuffelen, maakt geen ruzie met andere katten
en laat haar zachte vachtje graag borstelen, zodat ze
nog zachter en knuffeliger wordt. Luna niet.
Visite
We hebben soms visite en door Siepie slaat de ergste kattenhater
aan het twijfelen of hij ook niet een dozijn zachte poezeltjes
in huis zal halen.
Zo was laatst een vriend van ons, hondenmens
in hart en nieren, ook weer eens verbaasd door zoveel
leukheid van een Siepje. Kroelend met Siep in zijn armen
liep hij enthousiast naar Luna toe, die even een dutje
deed op de vensterbank. Al aaiend over haar vacht zei
hij: ' Hee, hier ligt nog zo'n lieverd. Kijk haar eens
lekker slapen'. De lieverd zwiepte als heel korte waarschuwing
een keer ferm met haar staart en verplaatste zich van
de vensterbank naar ondersteboven hangend aan de arm van
onze visite. Van schrik liet hij Siep vallen. Klaar was
het kattenfeest, dat best wel bloederig aan zijn einde
kwam.
Op stap
Siepie gaat, zoals eerder beschreven, wel eens op stap
met de heren hier uit de buurt. Voor Luna hoeft dat niet.
De eerste dag dat ze buiten kwam, keek ze woest in het
rond en spotte de kat van de buren aan de andere kant
van de schutting. Ze vloog door de schutting (Luna kan
dat) naar de andere kant. Er klonk een heel naar geluid
en toen vloog Luna weer door de schutting terug. Op de
stoep voor het huis ging ze zich rustig even wassen. De
volgende dag kwam de buurvrouw vragen of we soms een hond
hadden gekregen, vanwege twee grote beten in de nek van
hun kat en het sprintspoor richting onze schutting.
Borstelen
| “Lunaatje gilde, krijste en blies en kronkelde haar kattenlijf
uit alle macht in de rondte, zo van de behandeltafel af...” |
De zachtheid van Siepie's vacht is dubbel zo opvallend,
omdat Luna een soort van ruw kokosmatje heeft. Dat komt
doordat ze altijd ligt te rollen in het zand en over stoeptegels
en doordat niemand het voor elkaar krijgt om haar te borstelen.
Siepie's kont gaat meteen omhoog zodra ze de borstel maar
ziet, maar bij Luna volgt dan bovengenoemd 'visite-tafereel',
alleen doet ze voor mij drie woeste slagen met haar staart
om me te waarschuwen. Dat dan weer wel.
Pilletje
De dierenarts geloofde mij niet, toen Luna een pil moest
en ik zei dat dat niet zou gaan. Luna zat als een voorbeeldige
kat tegen mij aangedrukt op de behandeltafel, de enige
plek waar ze bang is. 'Ach kom, deze lieverd?' zei de
dierenarts, 'we zullen jou wel even een pilletje geven
he, lief klein Lunaatje?'. 'Brrrommm', zei lief klein
Lunaatje. Voor de zekerheid riep ze toch maar even de
assistente erbij en samen namen ze Luna in de houdgreep.
Lunaatje gilde, krijste en blies en kronkelde haar kattenlijf
uit alle macht in de rondte, zo van de behandeltafel af.
Beduusd en onder de bloederige schrammen en plukken kattenhaar
zei de dierenarts: 'Misschien moet ze toch een pipetje
in de nek'.
Wat wil je, Luna komt 'van de straat'. Al zwervend moest ze zichzelf verdedigen en al vechtend scharrelde ze haar dagelijkse prakkie bij elkaar. Toch is ze heel gelukkig, als niet-zwerfkat. Dat laat ze me elke nacht weten, als ze stiekem onder de dekens op mijn borst komt liggen, koppie in mijn nek. Zo hard spinnen ongelukkige katten niet. |