Midden in de nacht kreeg
ik een mailtje van een mevrouw. Ze had van haar dochter, die
bij een dierenarts werkte, gehoord dat er een kitten met een
beschadigde poot binnen was gekomen. De poot zou de volgende
dag worden geamputeerd, daarna zou het diertje naar het asiel
gaan. Haar vraag was of ik iets kon doen. Ik kon haar bellen
en dat deed ik dus, om half een 's nachts.
Ik stelde haar voor het dier er de volgende ochtend meteen
weg te halen en naar een andere kliniek te brengen. Ze zou
daar bekeken en eventueel behandeld worden en kon bij een
gastgezin worden ondergebracht totdat ze weer sterk genoeg
zou zijn.
Kunstwerk
De volgende ochtend werd Flanna naar Sneek gebracht. Zij had
een lelijke wond aan haar voorpoot en het onderste deel van
haar pootje sleepte. Besloten werd haar toch eerst op antibiotica
te zetten en te kijken of de wond en de beschadigde zenuw
zou genezen. Na een week in het gastgezin werd duidelijk dat
Flanna last had van haar slepende onderpoot; ze begon er aan
te bijten. Dus werd alsnog tot amputatie besloten. Zo'n klein
katje opereren was een kunstwerk op zich, maar alles lukte
en vanaf dat moment had Flanna drie pootjes.
Het gekke was dat niemand het zag. Men zag alleen maar een
geweldig dapper en lief poesje, dat heel goed wist wat ze
wel en niet wilde. Meteen na de operatie speelde en rende
ze beter dan ze voor die tijd kon, toen haar pootje nog in
de weg zat. Iedereen was verliefd op dit dappere meisje dat
zich zo goed kon redden. Haar karakter en haar wilskracht
vertederden iedereen.
Voorpoot
Wat verging het Abby dan anders… Abby woonde op een boerderij,
waar ze door onbekende oorzaak een wond aan haar voorpoot
had gekregen. Deze wond etterde door en vrat de halve poot
weg. Ook hier was er een dochter die bij haar moeder aanklopte
omdat ze het zo zielig vond. De moeder nam het dier mee en
ging naar haar neef, die dierenarts is. Er was keus uit twee
opties: in laten slapen of amputeren. Gelukkig koos mevrouw
voor optie twee.
| “Abby woonde op een boerderij,
waar ze door onbekende oorzaak een wond aan haar voorpoot
had gekregen...” |
Drie weken na haar amputatie arriveerde Abby hier. Een verlegen
poes, die niets van de durf van Flanna had. Ze was al wat
ouder - zo'n zes maanden - en had meer moeite met haar handicap
dan Flanna ooit had gehad. Toch was zij niet echt schuw en
kon zij zich goed redden, al ging het moeizamer dan ik bij
Flanna had gezien. Abby had kennelijk lang te lijden gehad
door de pijn in haar gehavende poot en meed mensen. Vaak verstopte
zij zich hier voor mensen, maar tegelijkertijd was ze dol
op aandacht en op knuffels. Abby wist niet hoe ze moest spelen
en durfde haar plek in de groep maar zelden op te eisen.
Katwaardig
Eigenlijk is Abby zieliger dan Flanna. Ik heb diep medelijden
met haar, maar heb tegelijkertijd dezelfde bewondering voor
haar als voor Flanna, ook zij weet zich goed te redden met
een pootje minder. Maar met het zien van deze twee totaal
verschillende katjes is de eindconclusie duidelijk: zij hebben
wel degelijk een katwaardig bestaan en hebben evenveel recht
op een fijn thuis als elke andere kat. Sterker nog, zij verdienen
dat des te meer, want ze hebben al jong moeten knokken voor
hun bestaan, ze hebben pijn moeten lijden en zich aan moeten
passen aan hun lichaam. Ze hebben daarmee bewezen dappere
meiden te zijn, deze driepinters waarvan ik de eer heb ze
te mogen kennen. |