RSS
 

Grijpgrage pootjes on the Wild-side

13 jun

In de vernielzuchtige maatschappij van tegenwoordig schijnt het concept ‘gezin’ niet veel zaaks meer te zijn lijkt het wel en moet iedereen onderhevig zijn aan een soort wegwerpproblematiek waarin de televisie het zo’n beetje voor het zeggen heeft en dat laat geen mens echt helemaal onberoerd, maar ons gezinnetje is daar qua hechtheid gelukkig geen slachtoffer van. Je mag ons gerust buitenbeentjes noemen. Vooral nu we niet meer reikhalzend hoeven uit te kijken naar de dag dat de akte zal verlijden van ons eigenste stukje paradijs, waar de tijd dat de distels en de tingelen hoger stonden dan ikzelf groot ben, al een verleden ver lijken al is het amper zes maandjes. Uiteindelijk kwam het langverwachte telefoontje en nu zijn we met zen allen ons spaarboekje lichter maar een tuin rijker. Dexter keek me aan met omfloerste oogjes en zag dat al helemaal zitten, die was dan ook meermaals mee geweest en zelfs eens mee gaan kamperen (maar dat is een ander verhaaltje) aan zijn leibandje om op verkenning te gaan.

Kyoto-norm

Door mijn euforie na dat beruchte belletje had ik mijn lieve slaapJasper een beetje doen schrikken, wat een boertje opleverde. Hum… boertje, de afschuwelijke walm die uit zijn schattige mondje knalde, overschreed zeker weten vier keer de toegelaten Kyoto-norm, maar niets kon me nu deren. ‘Laat de natuur maar zijn ding doen,’ dacht ik helemaal gelukkig en kreeg meteen zin om naar de doe-het-zelf-zaak achter de hoek te gaan om nog wat spijkers, vogeleten, Hammeriteverf en dergelijke te halen en meteen even uit te kijken naar prijs-vergelijk-prijzen voor een bosmaaier en een haagschaar. Maar toch, toen er ook uit Jaspertjes edele achterwerk een wolkje ontsnapte kon ik niet nalaten te denken dat wanneer deze geur zou exploderen, hij zeker en vast de kelder uit een wolkenkrabber zou dampen. Uch, en toch, deze dag kon niet meer stuk.

Als rasechte thuisverzamelaar van allerlei klusgerei begonnen we met alle pootjes aan dek meteen een permanentere werkbak samen te zoeken die nu eindelijk echt officieel ter plekke mocht blijven en niet steeds in de auto over en weer mee moest. Dexter en Tobiasje hielpen als altijd gezwind. Toen ik mijn spijkerbak er bij trok, hielpen Dexters grijpgrage pootjes enthousiast in al die ijzertjes te roefelen en Tobias ging maar meteen in de kist zitten, omdat hij zeker zou zijn dat ik hem niet zou vergeten.

Opponeerbare duimen

Na een uurtje of wat hadden we een halve verhuiswagen bij elkaar gesprokkeld inclusief petroleumlampjes voor als het donker wordt en besloot ik als enige hier met een rijbewijs om ondanks het feit dat het al dik na de middag was, toch nog eens tot aan onze tuin te rijden. Eerst sleepte ik als enige tweebener met opponeerbare duimen alles naar de gang en vervolgens tot in mijn auto en daarna besloot ik Dexter nogmaals mee te nemen omdat Tobiasje mij zijn bandje zag klaar nemen en meteen de gaten uit sprintte. Tenslotte is hij ook de gemakkelijkste als je ook nog iets wilt gedaan krijgen daar zo zonder kattenren nog en zo geschiedde. Wij weg onder vrolijk getater waarin vooral ik het woord had en Dextertje wijselijk in zijn gareeltje vanuit zijn wandelmand naar buiten keek. Hij begon de weg al te herkennen en was helemaal niet zo bang meer als we dicht langs koeien reden, zolang ik er maar niet naast bleef staan.

Teenage volgkipjes

Aangekomen aan de vijver alias, ‘onzen hof’ vooralsnog zonder naam, repten we ons op ‘dien hof’ waar de bezoekkippen al kwamen aangelopen. Met de deuren van de wagen wagenwijd open zodat Dextermans op zijn gemakje kon kijken, floepte ik de koffer open en begon mijn tweepotige vriendjes van graan te voorzien. Daarna nam ik Dexter uit zijn mandje, knipte zijn vijf-meter-lishe aan mijn broeksriem vast en deed met hem een kampioenenrondje rond ons ‘domein.’ In ons zog gevolgd door twee teenage volgkipjes. Gut wat kan het leven heerlijk zijn. Hier straalt de stilte die enkel doorbroken wordt door vrolijk gekot en getjirp tenminste nog rust en kalmte uit, hier is het vredig en Dexters ronkje bewees dat.

Mijn ook eindelijk-eigendom-visjes smakten ons een hongerig welkom tegemoet en samen voerden we ze bij wijze van feestje enkele sandwiches –want dat eten ze het liefst van al- en de twee tiener volgkipjes deelden gezellig mee in de feestkruimels.

“Even later zag ik hem voor de eerste keer in zijn jonge leventje een worstje draaien in echte –vers-en-luchtige-door-een-mol-omgeploeterde grond…”

Molshoopje

Even later heb ik mijn snoesje aan zijn lijn laten rondsnuffelen terwijl ik alle werkgerief naar de tent sleepte. Die paar daagjes mocht het wel daar blijven staan, nu moest en zouden we onze stempel zetten op dit stukje paradijselijke grond. Tenslotte had ik niet voor niets meteen bij de compromis de sleutels gekregen. Ik herademde even met een sigaretje en zocht mijn pruts die zwaar snuffelend met zijn grijpgrage pootjes in een vers molshoopje aan het wroeten was. Even later zag ik hem voor de eerste keer in zijn jonge leventje een worstje draaien in echte –vers-en-luchtige-door-een-mol-omgeploeterde grond. Dat was nogal eens een overwinning op zichzelf. Dexter het katertje dat zo hypergevoelig is qua kattenbaksteentjes en vasthoudt aan zijn eigen merk heeft hier zomaar in de open lucht, in het zicht van Jan en klein Pierke, een hoopje gelegd op echte kleigrond. Dat gaan we thuis moeten vertellen. -De mol zal er niet zo gelukkig mee zijn vrees ik, maar voor mijn Dextertje was het een grote stap naar een nieuw leven.

Jaja, mijn single leven met mijn vier rakkers blijkt officieel bijna een stukje geschiedenis maar we krijgen er nu gewoon een familie bezoekkippen, twee eendjes met spikkels, enkele wilde ganzen, een horde fazanten, een specht, enkele groepjes zangvogeltjes, een eekhoorn, een mol, een trosje konijnen en een bende vissen bij. Het zal nog een hele beleving worden.

Eigen wereld

‘Tof hé dat dit alles nu officieel van ons is moeke,’ fluistert Dexter me toe op weg naar huis.‘ Ik zet er effenaf mijn auto even voor aan de kant om hem nog eens helemaal te overknuffelen voor we weer doorreden. Mijn kleinste pruts is op-den-buiten helemaal geen klein passief miauwinstrument dat zijn wensen niet kan verwoorden. Daar zijn we allemaal anders, een eigen wereld… en de onze. Met alle bijzondere bevoegdheden die daarbij horen die ons de grootste redenen tot blijdschap geven er bovenop.

 
Geen reacties

Gepost door Sabine Luypaert in Columns, Humor

 

Tags: , , , , ,

Reageren