RSS
 

Hurrelbrinck zet zaterdag asieldeur open

01 okt

OLDENZAAL – Al sinds jaar en dag vangt het echtpaar Hurrelbrinck honden en katten op in hun Dierentehuis Oldenzaal aan de Boerskottenlaan. Achter hun woning zijn de honden- en kattenverblijven. Zaterdag is er van elf tot vier uur een open dag.

De hondehokken ondergaan juist een grondige schoonmaakbeurt. Jo Hurrelbrinck, in dikke trui en spijkerbroek, is druk aan het boenen. Er klinkt geblaf van de honden die in het buitenverblijf rondrennen. Hun mandjes zijn weer netjes, de voerbakjes gevuld en de betonnen vloer glimt.

Alles moet er piekfijn uitzien voor de open dag van zaterdag. Elk jaar rond Dierendag houdt het asiel open huis. Iedereen kan dan een kijkje komen nemen bij de honden en katten. Jo Hurrelbrinck vertelt: ‘Mijn man trainde vroeger politiehonden. In die tijd, 1972, was er geen dierenopvang in Oldenzaal, dus als er honden werden gevonden zei men vaak: ‘Breng ze maar naar Hurrelbrinck, die hebben er wel een hok voor. Zo is ons asiel eigenlijk begonnen.’

In het begin was de opvang puur particulier. ’We waren gek met dieren, eigenlijk te gek. In de begintijd betaalden we alles uit eigen zak.’

Veel nestjes

Momenteel zitten er in het asiel twee zwerfhonden en tien katten. ‘Katten hebben we altijd veel gehad. Ze worden weliswaar gecastreerd en gesteriliseerd, maar nog altijd zijn er veel nestjes die ergens achteraf gevonden worden. De katyjes daaruit komen in onze kittenopvang, een aparte afdeling. Daar hebben we er nu ongeveer zes zitten.’

De beheerder van het asiel verbaasd zich nog regelmatig over de conditie van de katten die gebracht worden. ‘Goed verzorgd en met halsbandje om de nek komen ze hier binnen. Je zou haast zeggen dat ze zo uit de woning gestapt zijn. Dat snap je niet.’ Daarnaast zijn er de schrijnende gevallen.

‘Vijf weken geleden werd een kat binnen gebracht met een elastieken halsbandje. Helaas zat dat niet alleen om zijn nek maar ook onder zijn oksel. Het zat zo strak dat het helemaal in de huid sneed,’ vertelt Jo Hurrelbrinck en haalt het tegenspartelende beest even uit zijn hok.

Een groot litteken, waar inmiddels alweer wat haar groeit, is te zien in zijn hals en onder zijn pootje. Zo te zien gaat het weer goed met hem, want hij springt op de grond en dartelt vrolijk rond tussen de boxen. Zijn soortgenootjes hangend miauwend in de tralies. ‘Ook een droevig geval was een Pers die op een parkeerterrein gevonden was. Het beest was helemaal kaal geschoren en vreselijk mager, het zag er niet uit. Haar hebben we er weer bovenop gekregen en inmiddels is ze herplaatst.’

Naast het asiel heeft het echtpaar Hurrelbrinck een dierenpension. Met de subsidie voor het asiel zorgt het pension voor de inkomsten. Het pension loopt goed, vindt Jo Hurrelbrinck. ‘Het is bijna altijd bezet, we hebben nu zes logeetjes.’

Eén keer in de week komt er een vrijwilliger en drie ochtenden in de week is er een stagiaire van de AOC-dierverzorging aan het werk. Jo Hurrelbrinck heeft niet het gevoel dat zij en haar man handen te kort komen.

‘We zijn helemaal op het werk ingesteld, het is routine geworden in al die jaren. Het gaat gewoon vanzelf. En als de nood echt aan de man komt komen onze kinderen wel helpen; die wonen vlakbij. Vooral de kleinkinderen komen veel na schooltijd en in de vakanties, die vinden het omgaan met de dieren prachtig.’

Tijdens de open dag zaterdag kan het publiek een kijkje nemen, maar het echtpaar Hurrelbrinck geeft geen dieren mee. ‘Er moet eerst goed over nagedacht worden. Mensen zijn vaak impulsief op zo’n dag en vinden het dan ‘zo’n lieve hond’.

Wij zeggen dan: volgende week is hij er ook nog wel. Maar mensen die echt een hond of kat willen komen daarvoor niet naar een open dag, die komen zo wel.’

Bron: Haagsche Courant

 
Geen reacties

Gepost door Sabertooth in Nieuws

 

Reageren